Posts tonen met het label Bosbeheer. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Bosbeheer. Alle posts tonen

zaterdag 22 juni 2013

Hieros Gamos in het Kerckwijkpark

Photos by DagEnDauw    
  of de fermentatio van de Wuitensbruid ...








Zij lag daar ingebed in stilte
en wij keken machteloos toe,
 hoe ook het vuur in haar verkilde,
vervreemd en van het vechten moe



als stomme vogels aan haar beddeboorden,
ons lied verstenend in de keel
besloten we met klaagakkoorden,
maar deden verder niet zoveel.









Geen mens weet wat die nacht gebeurde,        
noch wat de dromende ridder dacht 
die langs dravend, haar lakenplooien
bezaaide met zijn helende toverkracht.


Neen, haar lied was nog niet uitgezongen.
Vóór dag en dauw verrees zij naar aloud gebruik
en weerklinken sinds midzomernacht
opnieuw vreugdekreten uit haar buik.






Opgedragen aan mijn lieflijke geboortegrond tussen Durme en Schelde
en aan degene die haar buik met leven vulde...

- DagEnDauw -







dinsdag 18 juni 2013

De boom in! (Van bos naar boos, een kleine stap ...)



Rechtgeaarde biologen, voel u geroepen ...

Er zijn zo van die dagen dat ik kwaad ben en me daar geen raad mee weet. Dan schrijf ik blogjes waarbij ik vanaf het begin al betwijfel of ik ze wel zal plaatsen omdat ik de neiging heb onredelijk te worden en die boosheid op te blazen tot ze barst,wat maakt dat bij de laatste letters die ik intik ze meestal in rook is opgegaan en ik me bij het herlezen van het geproduceerde afvraag, waarom ik mezelf toch weer zo heb laten gaan. Emoties zijn een bizar gegeven en spiegelen doorgaans datgene waar je je aan ergert terug naar jezelf . Maar toch... er moet iets van mijn hart. 

Wanneer mensen, menen het licht te hebben gezien en beslissen - omdat ze daarvoor de juiste positie hebben - dit "licht" willens nillens over "iedereen" te laten schijnen ... word ik kwaad.
Bovendien wantrouw ik dit slag idealistische fanatici dat je momenteel zowat overal kan terugvinden. In de politiek, in de kunst, in de godsdienst, in de wetenschap, in de rechtspraak, in het onderwijs, in de journalistiek in de economie en ga zo maar door, staan ze mijlenver verwijderd van de realiteit, als gekken, vanuit hun ivoren toren dove muzikanten te dirigeren die perfect de partituren naspelen en hun bewegingen volgen, maar aan wie de muziek totaal voorbij gaat. Hoe schrijnender de situatie wordt des te bevlogener zij hun stokje hanteren. De toehoorder heeft betaalt en zal luisteren naar de kakofonie of kan de zaal verlaten.

Kwaad ook, omdat ik het benauwd krijg van het mechanisme dat daardoor in werking wordt gezet. Een mechanisme dat ons op hol geslagen systeem voorlopig nog steeds draaiende houdt. Waarbij de ware verantwoordelijken onbereikbaar lijken terwijl de "uitvoerenden", niet anders durven of kunnen - maar zich ook niet ècht verantwoordelijk voelen hoewel zij door de goegemeente wel als dusdanig worden behandeld.
  
Waarschijnlijk zit u zich ondertussen al een poosje af te vragen welke druppel dit keer mijn emmertje dan wel liet overlopen?  Wel, om kort te gaan, de aanleiding was een gesprek met iemand van bosbeheer Vlaanderen over de zogenaamde "exoten". "Bosbeheer", dit woord deed me onlangs nog de wenkbrauwen fronsen toen ik één van hun aanbestedingsborden zag staan op een plek waar voorheen een bos was en na hun "beheer" nog slechts woestenij restte... met in heel de wijde omtrek geen boom meer te bespeuren.
Nu ben ik geen bioloog en heb allicht weinig recht van spreken, maar soms wou ik dat bepaalde wetenschappers in hun labo bleven en zich niet zouden bemoeien met een zichzelf regulerende planeet als onze aarde. Die heeft naar mijn gevoel, weinig behoefte aan figuren die zich god wanen, theorietjes in de praktijk omzettend, liefst in zo kort mogelijk tijdsbestek, want ze zouden zo eens de vruchten van hun noeste arbeid mislopen.
Ik ben me er terdege van bewust dat bepaalde "exoten" inderdaad een behoorlijk excessief gedrag tentoon spreiden waarbij inlandse soorten het onderspit delven. Dat hieraan wellicht beter paal en perk wordt gesteld kan ik nog ergens volgen. Maar wat ik niet begrijp is, de manier waarop dit momenteel gebeurt. Waarom zo plots hele bossen tegelijk vernietigd worden, enkel en alleen omdat  één of andere idioot bepaalde bomen - waaronder echt waar, de rode beuk (prachtige reuzen, sommigen veel ouder dan 150 jaar), de canadapopulier (die ons ooit toch als windscherm mocht dienen) - tot exoot (en stante pede uit te roeien) bombardeerde. 
Overal in Vlaanderen merk ik de laatste maanden een dergelijke onbegrijpelijke kapwoede, waarbij ik me afvraag wat er zo plots aan onze visie veranderde dat het voor bomen niet langer volstaat zuurstofleverancier voor ons te spelen, maar ze nu ook nog inlands horen te zijn. Een duiveltje fluistert me dan zachtjes de vraag in of het wellicht iets met de energiemarkt te maken heeft...? Was er de afgelopen eeuwen dan werkelijk zo'n wanbeleid en zijn de gevolgen hiervan nu opeens zo levensbedreigend, dat dit liefst gisteren nog dient te worden rechtgezet?
Wat is hier werkelijk aan de hand? Ik begrijp het niet. 

Ter vergelijking even dit :
Onlangs nog, trok ik onnadenkend een dotje gras uit in mijn tuin, wat een gaatje van amper anderhalve vierkante centimeter aarde blootlegde en stelde vast dat ik daardoor de rust van een hele mierenkolonie had verstoord. Ik zag hoe een drietal eitjes dreigden te verdrogen in de zon en hoe een hele horde mieren aan het trekken en duwen gingen om ze weer in veiligheid te brengen onder de grond. Een kwartier vol zwaar labeur duurde het, alvorens mijn ingreep was hersteld. Kan u nagaan wat het kappen van een heel bos betekent voor alle levende organismen die er hun thuis hebben. 
Vaak denk ik, wat heeft de aarde en de natuur toch een geduld met ons "mensen". Telkens opnieuw doen we haar onrecht aan en nog tolereert ze ons op haar huid, geeft ze ons de kans om te leren uit onze fouten. Maar leren wij ooit? Betonen wij ooit enig respect voor haar als geheel? Zelden toch..? Waar is ons vertrouwen in die grote moeder?

Het lijkt wel alsof onze beleidsmensen elk gevoel voor realiteit zijn verloren. Hebben ze de afgrond voor zich opgemerkt en hopen ze door de klok terug te draaien het zaakje te redden? Leerden zij de wet van Newton dan niet, over een lichaam in beweging?
Of is de verklaring eenvoudiger en leggen ze alvast houtreserves aan voor de verkoop de komende barre winters? Zal ik ooit hun ware motieven achterhalen?

Van alles wat leeft zijn wij wel het allergevaarlijkst en is onze eerzucht en hebzucht wellicht één van de belangrijkste oorzaken dat het evenwicht telkens weer wordt verstoord.
Zou dat ook nu het geval zijn? Of spelen hier andere drijfveren?
Ik stel me nogal wat vragen rond ons "natuurbeleid" maar vind zelden bevredigende antwoorden.
Daarom dan maar deze boodschap in een fles de virtuele zee inwerpen, hopend dat beter geïnformeerden me hierover meer weten te vertellen... Ik ben benieuwd.






dinsdag 5 maart 2013

Leven achter de dijk



Soms verlangt een mens er naar  alleen te zijn om tot zichzelf te kunnen komen. Buiten ... en toch weg van iedereen. Maar waar vind je in Vlaanderen zo'n plek waar je nog onbezorgd een dansje kan doen, zonder bekeken of bekritiseerd te worden? 
Het is haast niet te geloven, maar oh ja, ze bestaat nog echt! Ik heb er enkele dagen geleden meer dan twee uur rond gehangen zonder een levende ziel te ontmoeten. Een droomplek, in mijn eigen woon- en geboorteplaats bovendien!   Maar blijkbaar niet meer voor lang  ...



Dit verhaal vangt aan, enkele jaren geleden ...
Het was een prachtige voorjaarsochtend, half negen, moet het zijn geweest toen ik op de fiets sprong en de richting van de rivier op reed. Alles lag er rustig bij.
Op de dijk liepen een handjevol wandelaars, en heel af en toe reed een fietser mij tegemoet.
Alles was stil. Zelfs de vogeltjes keken sprakeloos toe hoe de lentezon haar stralen rond strooide over de dijken. Een zacht briesje streek me door het haar. Op de plaats waar de jonkvrouw over de wateren waakt, zaten twee mensen op een bank zachtjes te keuvelen in het prille morgenlicht.
Aanvankelijk reed ik voorbij maar toen hoorde ik gefluister komend uit het dieper gelegen bos: “Kom bij ons…kom… we hebben iets te vertellen…”
Ik keerde mijn fiets, reed de dijk af naar beneden en werd teruggeworpen in de tijd. Ik was terecht gekomen in het sprookjesbos van mijn jeugd.
Op de grond lag een dik tapijt van dode bladeren en in de lucht vermengde zich de zoete geur ervan met die van het ontluikende groen.
Doorheen de kruinen van de bomen knipoogde de zon. “Speel maar! dans! Wees zorgeloos en blij als een kind, nu het nog kan. Geen mens die je hier ziet!” Meende ik een stem te horen verkondigen. Ik stalde mijn fiets tegen een oude eik, zocht de omgeving af naar spiedende ogen of toevallige voorbijgangers, maar er was werkelijk niemand te bespeuren. Ik was helemaal alleen met de bomen en de vogels en hier en daar een insect dat voorbij zoemde. Het was heerlijk, eerst een beetje schroomvallig zette ik enkele danspasjes, maar algauw vergat ik de mensen, mijn leeftijd, alle regels van de samenleving en werd één met de wereld rondom mij, één met het moment en voelde me helemaal bevrijd.


Er waren vóór mij nog mensen (kinderen? )  in dit sprookjesbos geweest, want niet ver van de open plek waar ik stond, was met takken een kampplaats opgetrokken. Ik vond er een zwaard waarmee ik een  vurig  schijngevecht leverde tegen een denkbeeldige vijand en ving onverwacht  een vage flard van een zinnetje op :”….dappere Silvie kunnen zijn?” Ik keek om me heen, maar zag niemand. Het leek wel uit de kruinen te komen.
Wat was er aan de hand? Beeldde ik het me in of gingen de bomen hier gebukt onder een groot geheim? ... Maar, dan zou ik dat toch wel eens even gauw ontrafelen ... "Silvie, hmm ... even denken..."
Ik sloot mijn ogen en herinnerde me weer hoe we hier op een koude en mistige decemberavond bij volle maan arriveerden om een spooktocht te maken, samen met ons zoontje en nog vier andere kinderen uit zijn klas. Hoe we in het donker bij het licht van de volle maan, met een paar zaklantaarns doorheen de mistflarden trachtten te priemen, terwijl we in de verte een kerkklok zeven uur hoorden slaan. Hoe er gespannen blikken werden uitgewisseld, toen er even later uit het niets een metalen gebrul klonk en wij als volwassenen, best wetend waar dit geluid vandaan kwam, meegingen in de kinderfantasie en er nog een schepje bovenop deden door te suggereren, dat er misschien wel een wolf in het bos ronddwaalde.
Hoe diezelfde ukkies plots transformeerden in dappere krijgers, met bange hartjes gemaskeerd achter een veel te grote mond, die de wolf wel eens een kopje kleiner zouden maken.
Was er in dat groepje toen een Silvie bij? Ik kon het me niet precies meer herinneren, maar ik dacht van niet.
OF…
Misschien was dit iets van nog veel verder terug in de tijd?
Ik ging tussen de rulle bladeren op de grond zitten om nog beter naar het fluisteren van de bomen te kunnen luisteren.
Misschien droeg het zachte briesje stemmen uit een veel verder verleden met zich mee. Of was het toch maar wat geritsel van de bladeren rondom mij en ging mijn verbeelding enkel met me op de loop?
Geen mens te zien en toch zoveel leven en geluid in dit bos. Woorden die niemand uitsprak, die zomaar tussen de jonge twijgen leken op te stijgen, opgezogen door de zonnestralen vanuit de vochtige bosgrond. Takken die kraakten. Stammen die kreunden onder een loodzware last. En  opeens weer een zijdezachte stem die “we gaan sterven ...” scheen te murmelen.


“Doen we dat vroeg of laat niet allemaal?” Vroeg ik me luidop af. "Ja, maar dit is anders…" hoorde ik, iets duidelijker nu. "Het is onze tijd nog niet. Silvius  moet ons vinden voor het te laat is. Hij moet de reus overwinnen!” “Èh?!?”
De stemmen verstrikten in elkaar en scheurden als spinrag aan flarden. “…Reus op komst…” “…zevenmijlslaarzen precies hier in ons sprookjesbos…” “…tol eisen…” “…de stroom buiten zijn oevers…” “…stammen knakken…” “…verdronken land…” “…teveel water, zullen sterven…” en weer: “Waar blijft  Silvius Brabo toch?” “Zal de reus verslagen worden?”
En plots begon het me te dagen, zag ik de link tussen de zwarte vlaggen langs de weg hierheen en het gefluister van dit Sprookjesbos.
Hier was dus de plaats waarvan men voor die Lobbes (lees lobby) uit Antwerpen genaamd “de Haven” overstromingsgebied wou maken.
Opeens begreep ik wat er echt op het spel stond : “Deze groene long moest verdwijnen om plaats te maken voor zogenaamde "wetlands" - een 'overtuigend' want Engelstalig eufemisme voor modderpoelen en ondergelopen open weiden en vlaktes.
Een aantal buurtbewoners  vertelden me destijds al over een dijk van acht meter in hun tuin om een overstromingsgebied af te bakenen en iets over 'natte voeten', maar toen dacht ik dat het om braakliggende terreinen ging die zouden onteigend worden om er "schorren" en "slikken" van te maken en niet, dat ook een waardevol gemengd loofbos met prachtige jonge bomen, waarin zoveel verschillende soorten vogels nestelden, eraan moest geloven om de haven in Antwerpen nog verder te kunnen uitbreiden en de stedelingen van overstroming te vrijwaren. Wie biedt de garantie dat het daarbij blijft? Landbouwers wiens grond werd onteigend, lieten toen even een zwakke proteststem horen ... maar die is  een hele poos geleden alweer weggestorven. Zij stonden geïsoleerd in hun strijd. En de mensen achter de dijk zijn gewoon om te buigen. Liever dàt, dan te breken, vinden ze. Maar ook aan dat doorbuigen komt vroeg of laat een eind, en zij die het niet gewillig doen, om met geboden kansen nieuwe mogelijkheden te exploreren, veren vroeg of laat weer rechtop met de gebalde kracht waarmee zij werden gebogen... Zo is de natuur werkzaam in de mensen van hier.

Anno 2013... De reus is ondertussen druk in de weer, hij is sterk, hij is krijgshaftig, hij is gewiekst en zijn vazallen zijn vaak nog gewiekster, zijn strijdplan wordt met mooie woorden uiteengezet, de bittere pil met een ecologisch verantwoord jasje verguld, terwijl zijn onstilbare honger naar nog meer geld en macht  achter dit klatergouden blazoen handig wordt verdoezeld. Wanneer je in het bos je adem inhoudt weerklinken zijn dreunende voetstappen. Overal gaan machtige bomen tegen de vlakte, wordt de grond omgewoeld en ravage aangericht.

Tot overmaat van ramp, doet ondertussen een nieuw gerucht de ronde, dat hij (letterlijk dan) weer tol wil gaan eisen!
Steeds schaamtelozer en hebzuchtiger wordend, heeft 'de kolos' klaarblijkelijk vers geld geroken en het plan opgevat om de mensen, die naar de overkant van de stroom of één van de bijrivieren willen, weldra voor de overtocht met de veerboot te laten betalen. De veermannen langs de Durme-, en Scheldeboorden met wie ik sprak, zien het met lede ogen aan. Dit hoort niet, vinden zij. Decennialang was dit een dienst aan de gemeenschap. Maar wie heeft oren naar wat zij te vertellen hebben?

Wellicht is die reus ginds in zijn vesting vergeten hoe Antwerpen ooit aan zijn naam is gekomen? Maar "Brabo's erven" geenszins.  Die zoeken enkel nog de geschiktste bijlen bij elkaar en maken zich in alle stilte klaar om op het juiste moment tot actie over te gaan.
Wee de reus die zich oppermachtig waant en denkt dat hij straffeloos kan blijven graaien...

(wordt waarschijnlijk nog vervolgd)



- DagEnDauw -